'Van stom toeval tot de leukste baan van de wereld'

Marck werkt als arbeidstrainer in de onderbouw van het Vierbeek College in Oosterbeek. Hij verzorgt er ART- en technieklessen voor leerlingen met een lager IQ en een ontwikkelingsstoornis.

‘Hoe ik in het speciaal onderwijs terecht kwam? Stom toeval, meer was het eigenlijk niet. Een jaar of 15 geleden studeerde ik aan de pabo en ik wilde een bijbaan. Waarom zoek ik die niet in de richting van mijn toekomstige werk, dacht ik. Het Vierbeek College had een vacature, en nam me aan. Speciaal onderwijs was volledig nieuw voor me, maar ik was al snel verkocht. En ik ben nooit meer weggegaan.

 

Blauw-blok_onderwijs-geven-we-samen.jpg

Veel vrijheid

Op maandag, dinsdag en woensdag geef ik ART-lessen; dat past heel mooi bij mijn tijd op de Kunstacademie vóór ik overstapte naar de pabo. En op donderdag sta ik in de techniekklas, ook hartstikke leuk. Voor beide vakken geldt, dat ik ongelooflijk veel vrijheid heb. Ik kan ’s ochtends nog bepalen: we gaan toch maar niet tekenen, kleien is voor vandaag een beter idee. Er is ook alle ruimte voor pilots, altijd samen met collega’s. Die fijne samenwerking is een van de belangrijkste redenen waarom de school zo goed draait. Je hebt elkaar gewoon hard nodig om leerlingen als de onze vooruit te helpen.

Samen mooie plannen smeden

Mijn vakgroep kruipt regelmatig bij elkaar om mooie plannen te bedenken en uit te werken. Een tijdje geleden was dat een plasticproject: hoe kun je plastic recyclen en er mooie, nieuwe dingen van maken? De verzamelde plastic doppen moesten eerst versnipperd worden. We probeerden dat met een staafmixer. Maar die brandde stuk op het zware materiaal. Een blender kon de klus wel aan. Zou een pizza-oven geschikt zijn om het vervolgens te smelten? Yep, dat lukte. Zo zitten we dan samen uit te proberen, net zo lang tot we het voor elkaar hebben. Doorzetten loont, en het is nog gezellig ook.

 

Doorzetten loont

Dat proberen we onze leerlingen ook mee te geven. Zeker kinderen die nieuw zijn op school, gooien nogal eens de kont tegen de krib. Die trekken hun hoodie over hun hoofd en duiken aan hun tafeltje met gekromde rug weg in hun armen. Je ziet gewoon wat ze denken: ‘Ik kan ook hier weer niks en ga opnieuw steeds op mijn donder krijgen’. Ik zeg dan nooit: ‘Kom op, aan het werk!’ Maar moedig ze aan om eens rustig rond te kijken wat er allemaal gebeurt. En pas dan vraag ik of ze zin hebben om ook wat te doen. Zo ontdekken ze stap voor stap dat ze wel degelijk wat kunnen. En dat hun nieuwe meesters en juffen echt snappen hoe ze in elkaar zitten.


Kleine stappen zijn heel groot

Je hebt dat niet vanaf dag 1 onder de knie, maar je staat er hier nooit alleen voor: hulp is altijd in de buurt, zeker ook voor nieuwelingen. In het speciaal onderwijs heb je bovendien meer tijd voor de leerlingen: de klassen zijn aanzienlijk kleiner, dus er is alle ruimte voor persoonlijke aandacht en echte connectie. Alle energie die ik erin stop, geeft enorm veel voldoening: ieder klein stapje is eigenlijk heel groot voor onze leerlingen. Als je dat eenmaal ontdekt en de ‘tactiek’ goed in de vingers hebt, heb je in het speciaal onderwijs de leukste baan van de wereld!

 

In de reeks verhalen 'Ik ben een onderwijsspecialist' vertelt een onderwijsspecialist wat zijn of haar baan speciaal maakt. Deze keer vertelt Marck over een band opbouwen met je leerlingen en over onderwijs dat je samen geeft. 

Meer verhalen