'Hogere Wiskunde, maar ontzettend gaaf'

Hoe kan ik je bedanken, vroeg ik een oud-leerling die nog een enquête voor me had ingevuld. “Met een kop koffie in Arnhem”, antwoordde hij. Als zo’n jonge gast het gezellig vindt om met zijn vroegere juf een terrasje te pakken, bewijst dat voor mij dat ik een paar jaar geleden de goede beslissing heb genomen. Ik werkte toen al zo’n twintig jaar in het regulier basisonderwijs en op een dag viel mijn oog op een vacature bij het Briant College, een school voor voortgezet speciaal onderwijs.  

De intentie om me alleen maar wat te oriënteren, liep nogal uit de hand: het gesprek bleek een schot in de roos. Voor ik het wist, draaide ik een proefles. Daar kwam door de spanning niet veel van terecht, haha! Daarna ‘verzon’ ik nog wat andere argumenten om de baan vooral niet te accepteren. Ik was niet fulltime beschikbaar, dat was bij deze doelgroep vast een bezwaar? Nee hoor, zei het Briant: geen probleem. Was het niet link om mijn veilige, vaste contract van twintig jaar op te geven? Nee hoor, vonden mijn partner en vader: gewoon doen. Kan ik dat wel, omgaan met leerlingen die zulk extreem gedrag kunnen vertonen? Tuurlijk lukt dat, fluisterde mijn eigen nieuwsgierigheid naar nieuwe uitdagingen.  

We zijn nu drie jaar verder. Het idee dat ik de kinderen beter kan maken, heb ik moeten bijstellen. Daarvoor hebben ze vaak te veel meegemaakt. Maar ik kan met mijn lessen en vooral mijn houding wel wat voor ze veranderen. Dat vind ik echt ontzettend gaaf. Deze pubers verdienen nog meer dan anderen dat er enthousiaste leraren voor hun neus staan. Leraren die zeggen wat ze doen en doen wat ze zeggen. Leraren die inspireren en complimenteren. Leraren die positief benaderen en vertrouwen geven. Leraren die dat bovendien blijven doen, ook bij extreem gedrag.  

Dat probleemgedrag is zeker niet constant in de leerlingen aanwezig. Maar áls het er is, dan is dat een flinke uitdaging, echt hogere wiskunde, ook omdat het ineens kan opvlammen. Je moet voortdurend alert zijn, steeds aan staan, ieder signaal oppikken. En toch (weer) aanhaken bij de leerling. Met creatieve oplossingen kom je een heel eind: Lukt het een leerling niet om op zijn stoel te blijven zitten? Ik vind het prima als hij de les staand volgt. Is de groep wat onrustig? Dan gaan we eerst even een balletje trappen op het Cruyff Court. Komen de leerlingen enorm uitgelaten of juist bozig uit een vorige les? Ook dan: eerst de rust terug, dan pas naar het lesboek. Dan nog kan het ontploffen, zo snel dat je geen tijd hebt om volgens de protocollen te handelen, maar puur moet vertrouwen op je intuïtie en instinct. 

Daarom maken we als team twee keer per dag tijd voor ons samen: vóór het eerste en na het laatste uur. Even bijpraten over wat er speelt. Met elkaar lachen om een spannende situatie. Heel soms even janken, omdat de stress hoog zit. En praktische tips delen, bij specifieke problemen. Maar vooral ook de gouden momentjes benoemen. Want als je beschikt over een rugzak vol creatief en pedagogisch gereedschap en je als een positief blok beton in je schoenen staat: wat heb je hier dan een prachtige baan!’  

     

Meer verhalen

In de reeks verhalen 'Ik ben een onderwijsspecialist' vertelt een onderwijsspecialist wat zijn of haar baan speciaal maakt. Deze keer vertelt Marloes (leraar Briant College) over de band met haar leerlingen.