Voor veel ouders is een bezoek aan het speciaal onderwijs vaak het resultaat van een lang denkproces, waarin verdriet over wat hun kind doormaakt op de huidige school en onzekerheid over het nemen van de goede beslissing belangrijke factoren zijn. Marianne van Buuren, een moeder van een van onze leerlingen, heeft dat proces ooit prachtig beschreven in het ontroerende boekje “Daan”, dat we vervolgens lange tijd gebruikt hebben om onze nieuwe medewerkers zich te laten realiseren dat het speciaal onderwijs geen automatische keuze voor ouders is.
Ik moest daar weer aan denken toen ik op een vroege zaterdagmorgen bij het World Forum in Den Haag stond, waar het CDA haar congresdag hield. Wij stonden daar met een aantal collega’s en de vakbonden om de bezoekers aan het congres, allen leden van het CDA, nog eens te herinneren aan het sociale gezicht dat deze partij ooit pretendeerde te hebben. En dat bezuinigingen op het speciaal onderwijs daar wel heel schril bij afsteken.
Er was ook een groep ouders aanwezig. Ouders van kinderen die gebruikmaken van het speciaal onderwijs. En ze hadden hun kinderen meegenomen. Zij kwamen overal vandaan. Uit Goes, ’s morgens vroeg om half 7 vertrokken. Met de trein uit Nijmegen. Uit Amsterdam, een moeder met haar zwaar gehandicapte zoontje. Dit beeld ontroerde mij, net zoals het lezen van “Daan” dat iedere keer weer doet.
Wat een belediging om deze ouders zó ver te krijgen dat zij op een zaterdagmorgen aandacht moeten vragen voor wat voor ieder kind een grondrecht is: goed onderwijs. Het kabinet moet zich diep, diep schamen.
Wim Ludeke
voorzitter College van Bestuur